Lezersvragen aan Marion Pauw

Begin juli konden lezers van de Literaire Thrillernieuwsbrief een vraag aan Marion Pauw insturen. Hieronder lees je een aantal vragen die Marion beantwoord heeft.


Anke Buursema:
Hallo Marion, uw boeken zijn erg goed, en na het lezen van een interview dat een jaar of 5 geleden in de Volkskrant stond, vind ik u ook erg stoer, eerlijk en dapper. Uw kinderen zijn als ik het goed heb ergens in de buurt van de 17, 18 jaar. Wat vinden uw kinderen van uw boeken, of willen ze bewust (pubers) niet lezen wat hun moeder schrijft? 
Mijn dochter heeft wel enkele van mijn boeken gelezen, mijn zoon geen een, haha. Nadja zegt: elke keer dat ik een boek lees, denk ik ‘huh, heeft mijn moeder dit geschreven?’

Corry van Zitteren:
Bent u nooit bang dat uw boek (Thriller) al eens in een iets andere vorm geschreven is, en hoe weet u dat zeker? Met vriendelijke groet.
Thriller is een boek van Suzanne Hazenberg, haha! En ik ben nooit bang dat iemand hetzelfde boek schrijft.

Jolanda Geerders:
Hoe voel je je als je jouw nieuwste titel zelf ergens op een rommelmarkt of vrijmarktkleedje ziet liggen, in plaats van dat de koper het zorgvuldig thuis in zijn boekenkast heeft bewaard?
Ik ben altijd blij als ik een boek van mij ergens zie, maar het allerliefste zie ik iemand mijn boeken lezen!

Mieke Schepens:
Zeg jij de dingen die je zegt omdat het je niet uitmaakt wat iemand daar van denkt?
Hmm, lastige vraag. In mijn boeken zeg ik alles wat ik wil. Als ik die vrijheid niet heb, blokkeer ik. Maar in interviews bijvoorbeeld probeer ik wel zo veel mogelijk rekening te houden met mijn geliefden.

Ria Blom:
Je boek heet: We moeten je iets vertellen
Ouders beginnen soms met deze zin een gesprek met hun kinderen als ze hen iets moeilijks willen vertellen. Hebben jouw ouders dit ook een keer gedaan? En waar ging het toen over? Of heeft iemand anders deze zin wel eens gebruikt toen ze jou iets moeilijks moesten vertellen?
Haha, ik had misschien gewild dat mensen mij vaker eerlijk iets vertellen in plaats van dat ik er zelf achter kom!

Janine van der Hulst:
Beste Marion Pauw, v
eel mensen hebben een bucketlist, een lijstje met dingen die ze ooit in hun leven een keer willen hebben gedaan. Nu zou ik graag willen weten wat er bovenaan jouw bucketlist staat en waarom? Lieve groet, Janine.
Ha Janine, bovenaan mijn bucketlijst staat een wereldreis. Gewoon zien waar je terechtkomt en pas terug naar huis gaan als je daar zin in hebt.

Rina van den Heuvel: In hoeverre is dit boek autobiografisch?
Jan Nagels: Welk door jou geschreven boek vond je zelf het mooist om te lezen?
Twee vragen tegelijk: ik denk mijn nieuwste boek We moeten je iets vertellen. Ik heb het in een enorme flow geschreven vanuit mijn eigen emoties. (Het is overigens niet autobiografisch, maar ligt wel het meest dichtbij.) Het lijkt me leuk om het boek binnenkort nog eens met ‘nieuwe’ ogen te lezen.

Jan Nagels:
Een boek te schrijven kost altijd veel tijd. Welk door jou geschreven boek duurde het langst?
Hemelen. Omdat ik helemaal vast zat en daarna alles heb moeten omzetten naar een ander perspectief.

Gerda van Drunen:
De vraag die ik dan wil stellen is: geef me een goede reden om de boekverfilming van een van jouw boeken te gaan kijken. Want meestal valt het tóch tegen omdat het in de film toch anders is dan wat in het boek is geschreven. Vallen die dan niet tegen als je het boek gelezen heb, wat vind jij daar van? Eerlijk zeggen!
Boekverfilmingen, tja, wat in een boek werkt, werkt niet per se in een film en andersom.

D. Spee:
Welk, door jou geschreven, boek zou je zelf wel eens willen beleven en waarom?
Ik heb het verhaal natuurlijk al een beetje beleefd door het te schrijven, dus hoeft van mij niet nog een keer!

Willemijn Lidwien:
Lieve Marion, s
oms loop ik op straat en zie ik iets gebeuren, zoals een kind dat valt met de fiets en iemand die dat kind dan opraapt. Ik zie dan een verhaal voor mij en fantaseer daar van alles bij! Is dat ook zo bij jou? Hoe kom jij op een plot en heb je je verhaal al lang in je hoofd of krijg je zomaar een ingeving? Zomaar een vraag! Dank je wel en veel succes!
Als schrijver heb je altijd je radar uitstaan voor nieuwe ideeën. En die zijn overal.

Ludo Huygen:
Waarom kies je voor een bepaald onderwerp en hoe kies je voor dat onderwerp?
Ik kies voor de onderwerpen die blijven hangen in mijn hoofd, en als ze dat lang genoeg blijven doen, gebruik ik ze.

Rob Verheggen: Hoe zorg je ervoor dat een verhaal geloofwaardig blijft?
De details moeten kloppen, maar vooral neem ik de lezer aan de hand mee in de gebeurtenissen en emoties.

Jan Roskams:
Heb je alle karakters reeds uitgewerkt in je hoofd voor je aan een boek begint, of schrijf je rond een vooraf zelfverzonnen plot en verhaal? Gebruik je hulpmiddeltjes om consequent te blijven?
Net als met echte mensen duurt het even voordat je je personages echt goed leert kennen. Sommige personages voel ik meteen goed aan, bij anderen heb ik meer tijd nodig.

Linda Hilgers:
Zou je ooit nog met een ander genre willen terugkomen, zoals een roman of wellicht een kinderboek?
Ik heb al een roman geschreven, De wilden, en een kookboek, Zonde & berouw. Ik denk echt wel dat ik ooit weer een boek ga schrijven en dat zou werkelijk van alles kunnen zijn. Ik houd graag alles open.

Jan Nagels:
Wat voor boeken en van wat voor schrijvers lees je zelf?
Ik ben een omnivoor wat lezen betreft. Ik houd de literatuur een beetje bij, lees goede thrillers (dus niet die Bouquetreeksachtige dingen met een thrillerplotje) en lees verder veel non-fictie. Voornamelijk boeken over psychologie en spiritualiteit.

Tjitske Houwing:
Waar haal je de inspiratie voor de lugubere gedeelten vandaan?
De lugubere dingen komen voort uit zowel mijn eigen angsten als mijn eigen agressie. Je moet altijd denken: wat zou het ergste zijn nu?

Els Zweistra:
Ben je het nooit beu dat mensen altijd vragen stellen over persoonlijke dingen in plaats van over bijvoorbeeld het schrijverschap?
Ik snap de nieuwsgierigheid wel, maar vind het soms wel lastig om persoonlijke vragen te beantwoorden. Het is een raar idee dat mensen die ik niet ken zo veel over mij zouden kunnen weten. Ook moet ik aan de privacy van de mensen om mij heen denken. Als iets gedrukt staat, komt het soms heftiger over dan je het bedoelt.